Bestuur en organisatie

Het bestuur van de vereniging bestond naast de voorzitter(president), secretaris en penningmeester uit commissarissen en overige bestuursleden. De bestuursleden met een bijzondere taak werden commissaris genoemd. Zo was er een commissaris instrumenten,een commissaris uitvoeringen, enz.

Vanaf de oprichting tot diep in de jaren 70 van de vorige eeuw werden de uitsluitend spelende leden aangeduid als "werkende leden". Tegenwoordig zou dat onderscheid ervaren worden als sociaal niet wenselijk, destijds echter was dat eerder vanzelfsprekend .

De vereniging kende decennia lang naast een muzikaal directeur ook een toneeldirecteur, belast met de invulling van het toneel- of cabaretgedeelte van de winteruitvoeringen.

Ook waren er de functies van bode/knaap en vaandeldrager. De voornaamste taak van de knaap bestond uit het innen van de contributie. Deze werd wekelijks, voor de meesten 2 wekelijks, bij de leden aan huis opgehaald.

Het waren functies die hooglijk gewaardeerd werden, getuige "het verzoek aan het bestuur om de functie van zijn vader (knaap) te mogen vervullen". Het bestuur stemde met dit verzoek in, en stelde een proeftijd van 9 maanden als voorwaarde. Rond 1920 was het salaris van een knaap f 30,- per jaar.

(Nb. om praktische redenen worden in het hiernavolgende alleen de namen van de voorzitters genoemd; dit laat onverlet dat vele leden de vereniging soms tientallen jaren achtereen gediend hebben als commissaris, penningmeester of secretaris)

Eén van de oprichters, Gerrit Bakker, werd in 1899 president van de harmonie voor een periode van 33(!) jaar. Daarna volgden W.van den Brink(1932) en Joh. Elst(1938)

Tijdens de tweede wereldoorlog waren repetities, serenades en andere openbare optredens alleen toegestaan als de vereniging was aangesloten bij de Cultuurkamer. Dat weigerde het toenmalige bestuur van EMM. Het lidmaatschap van de landelijke Vereniging van Harmonie en Fanfarekorpsen maakte het mogelijk dat in elk geval de repetities konden doorgaan. Zonder doel, de harmonie verleende geen medewerking aan door de NSB georganiseerde activiteiten, viel dat niet mee. Met name door toedoen van erevoorzitter en latere beschermheer de heer A. Broekmans, die er met klem op aandrong te blijven repeteren, wist men het verenigings-verband enigszins intact te houden.

Na de oorlog werd o.l.v. voorzitter Joh.Elst de draad weer opgepakt, aanvankelijk in wat kleinere bezetting. Chr. Van de Kort werd in 1948 de volgende voorzitter, opgevolgd door C.van de Goorbergh in 1953 en J. Akkermans in 1960.
Deze laatste diende de vereniging meer dan 20 jaar als voorzitter. Hij maakte ook twee perioden mee van teruggang in ledental. Voor het eerst begin van de jaren 60, toen de harmonie nog slechts 18 leden telde. Anderhalf jaar later telde de vereniging weer 42 werkende leden en 13 leerlingen. De tweede periode was in de jaren 1974/1975, waarna men weer uit het dal kroop getuige de deelname aan de taptoe op de markt in 1976.

Daarna het gestaag crescendo is gegaan met de vereniging. Eerst onder leiding van G.Franken, die de heer Akkermans opvolgde na diens onverwachts overlijden. Onder zijn leiding werd in 1982 het 100-jarig bestaan gevierd. Vervolgens o.l.v. de heer W. van Dort, en later onder P.van Giels bereikte vereniging getalsmatig haar hoogtepunt; met het jeugdorkest, de bigband en het harmonieorkest telde de vereniging meer dan 120 leden. Na de heer C. Bakx werd in 2004 J.Franken tot voorzitter gekozen. Meer dan negen jaar heeft de harmonie van zijn betrokkenheid en actieve rol kunnen genieten. In 2013 heeft hij de voorzitterhamer over gedragen aan dhr F. Leenaars, die met enthousiasme het voorzitterschap aan gaat.